NYLONS
Zelden had een woord een dergelijke magische uitwerking op vrouwen
als het woord nylons.
Nylonkousen waren vlak voor de oorlog in Amerikaanse winkels verkrijgbaar,
maar tijdens de oorlog werden de garens gebruikt om parachutes
van te maken. Daardoor stokte de fabricage van deze kousen. In
Europa waren ze nog niet verkrijgbaar, ze verschenen hier pas
ten tonele toen de oorlog afgelopen was. En dan voornamelijk doordat
de Amerikaanse soldaten toen hun Nederlandse vriendinnetjes nylonkousen
cadeau deden en zich zodoende geliefd maakten. Hoe geliefd, daar
zal ik verder niet over uitweiden. Feit is dat ook de Nederlandse
mannen met plezier keken naar welgevormde benen gehuld in nylons.
 |
Blijkbaar werd er aan deze kousen ook het kenmerk frivool
toegekend, advertenties er voor werden door velen als prikkelend
ervaren, hetgeen, in die tijd toen er nog een taboe rustte
op seks in het algemeen, niet verbazingwekkend is.
Advertentie voor nylonkousen zoals deze werden door bepaalde
damesbladen geweerd.
Overigens niet alleen deze advertenties, ook viel dit ten
beurt aan vrouwen met blote schouders, of in geretoucheerde
vorm.
Desondanks veroverde de nylonkous de wereld, al waren ze
prijzig, men had het er graag voor over want je moest toch
wel een paar nylons hebben.
Uitgaan met blote benen was toen not done, zelfs niet wanneer
het erg warm was.
Bekend is ook de uitspraak van de filmster Candice Bergen,
"Een echte dame draagt altijd kousen, ongeacht hoe
warm het is!"
Het dragen van nylons gaf vrouwen zelfvertrouwen en dat
was goed in hun gedrag terug te vinden. En de mannen?
Wel, al waren hun motieven niet altijd even zuiver, ze zagen
het maar wat graag. |
Eind jaren '60 leek het lot van nylonkousen bezegeld. Massaal
begonnen vrouwen panty's te dragen, dit tot groot ongenoegen van
vooral de mannelijke helft van de bevolking. Hoe groot de frustratie
was bleek wel uit de woorden van een man om zijn ongenoegen te
uiten: "Vergeet de condooms, de pil enz. Het beste voorbehoedsmiddel
is de panty." Het leven werd steeds jachtiger en blijkbaar
vonden vrouwen het teveel van hun tijd kosten nylons aan te trekken.
Vooral omdat de jarretelgordel steeds meer jarretels kreeg om
de kous goed op te houden. Met 4 jarretels heb je al aardig werk
elke ochtend laat staan met 6 of meer. En de Stay Up ( Hold Up)
was nog niet uitgevonden. En bij meer dan 12 jarretels verdwijnt
de elegantie, nog afgezien van het vele werk dat je er mee hebt.
En laten we wel zijn, afgezien van het gemak, nylonkousen opgehouden
door een fraai gordeltje zijn toch veel leuker om te zien dan
een broekje met aangenaaide kousen. Merkwaardig is dat in Engeland
de jarretelgordeltjes veel meer in zwang zijn dan bij ons. Zijn
Engelse vrouwen soms romantischer van aard dan de onze? Of voelen
ze zich meer vrouw? Het antwoord moet ik helaas schuldig blijven.
De ontwikkeling van de kous gaat een heel eind in de geschiedenis
terug.
De eerste kousenbreimachines werden in Engeland gemaakt en wel
in 1589 door een geestelijke, William Lee. De koningin wilde niet
dat zijn machines het land verlieten en vaardigde de doodstraf
uit over overtreders die een machine naar het buitenland zouden
smokkelen. Desondanks kwamen ze toch in Amerika terecht en ontstond
daar ook een enorme industrie. Ook toen al was alles wat in Europa
met cultuur te maken had een must om dat ook gemeengoed in Amerika
te laten zijn.
In Amerika waren de grondstoffen katoen, wol en zijde ruimschoots
voorradig. De meeste kousen werden gemaakt van wol en katoen omdat
dit het meest praktisch was, ook vanwege de isolerende werking
ervan. Zijden kousen werden ook wel gemaakt, maar het dragen ervan
werd als decadent beschouwd. Daarbij kwam dat zijde zeer kostbaar
was. In de Pruikentijd werden niet alleen door vrouwen maar ook
door mannen kousen gedragen. Ook werd toen door veel mannen gebruik
gemaakt van make-up.
Er zat één groot nadeel aan deze stoffen, de garens
die ervan gemaakt werden waren star, hadden geen rek. Dit had
als consequentie dat de platgebreide stof heel nauwkeurig gesneden
en genaaid moest worden om een perfecte pasvorm te verkrijgen.
De machine van Lee werd eeuwenlang gebruikt totdat in 1864 William
Cotton de full-fashioned machine uitvond. Dit hield in dat de
machines naar de enkel toe steken konden minderen zodat ze beter
op het been aansloten. Door het aan elkaar naaien ontstond de
naad op de achterkant van de kous. Vanaf de 19e eeuw werden de
machines mechanisch aangedreven en verschenen ook de rondbreimachines
Ook deze machines waren nog verre van ideaal, want ze konden alleen
maar een slang breien. Daarom sloten deze kousen niet erg fraai
om het been.
De grote doorbraak kwam met de uitvinding van de stof nylon. Vaak
ziet men de naam van Wallace Carothers staan als uitvinder, maar
de uitvinder van Polymer 6.6 zoals het eerst genoemd werd was
Julian Hill. In 1937, 2 jaar na de uitvinding werd de stof door
Du Pont gepatenteerd. De groep waarin Hill werkte werd geleid
door Wallace Carothers en omdat deze manisch-depressieve man zelfmoord
had gepleegd in het zelfde jaar besloot Du Pont als eerbetoon
aan hem, de uitvinding aan hem toe te schrijven. De meer vriendelijke
naam Nylon werd er aan toegekend op de Wereldbeurs in 1939 te
New York, de eerste twee letters zijn de afkorting van New York.
Als anekdote, omdat de zijde-industrie in Japan aanzienlijk terugliep
en de verhoudingen tussen beide landen niet best waren, werd ook
wel gezegd dat nylon de afkorting was voor:
"Now You Lazy Old Nippon."
Het was het materiaal bij uitstek om te gebruiken in de beenmode,
de dunne garens hadden de uitstraling van zijde. Daarbij was het
zeer sterk en duurzaam. Vooral toen men er in slaagde het garen
een 'geheugen' te geven. Hierdoor kon het na opgerekt te zijn
door het been weer daarna in zijn oorspronkelijke vorm terugkeren.
Zodoende waren minder maatvoeringen noodzakelijk.
In het eerste jaar dat er met dit materiaal kousen gemaakt werden
bedroeg de productie 64 miljoen paar en de fabrikanten konden
de vraag niet aan.
Tijdens de oorlogsjaren kwam er een kink in de kabel omdat het
materiaal gebruikt moest worden voor het maken van tenten en parachutes.
Niet dat ze geheel van de markt verdwenen, Amerikaanse soldaten
namen ze mee naar Engeland om indruk te maken op de Engelse meisjes.
Zodra de oorlog afgelopen was draaide de productie van nylonkousen
weer op volle sterkte en werden volop verkocht, iedereen wilde
graag deze fraaie kousen hebben.
In de tijd van de Flower Power echter raakte de panty in zwang,
die paste beter in de snelle levensstijl van het moment, de korte
rokken waren niet geschikt om er jarretelgordeltjes onder te dragen.
Waren de panty's, door sommige wel beschouwd als een uitvinding
van de duivel, eerst alleen in zwart en huidskleur verkrijgbaar,
nu werd er ingespeeld op kleuren en motieven, hetgeen in goede
aarde viel bij de jeugd.
Gelukkig mag ik wel zeggen wint de nylonkous weer terrein, veel
vrouwen ervaren het dragen van kousen toch als eleganter dan een
panty. De invoering van hold ups zal hier ook wel toe bijgedragen
hebben. Maar ook veel vrouwen geven de voorkeur aan gewone nylons
met een leuk jarretelgordeltje.
Gezocht en gevonden!
"Het naadje van de kous, of liever gezegd,
het ovaaltje van de kous"
Jarenlang ben ik, zeg maar gebiologeerd door een gat waarvan
tot op heden niemand mij heeft kunnen vertellen waarvoor dat dient
of nodig is. Aangezien ik niet zo'n beste tekenaar ben heb ik
een gedeelte uit een foto gebruikt om aan te geven waarover ik
het heb.
Het gaat mij om het ovale gat dat ik met een pijl aangegeven
heb.
Heeft dit iets te maken met de fabricage soms?
Ik heb het aan een groot aantal vrouwen gevraagd maar niet een
kon mij vertellen waarom dat gat er in zit.
En hier dan de oplossing.
Het gaatje is goed verklaarbaar. De kous die je afbeeld ziet is een
platgebreide kous. Om die rond of buisvormig te maken moeten de
zijkanten aan elkaar genaaid worden. Dat gebeurd met een rolnaad.
De machine begint bij de tenen en naait de beide helften aan elkaar
naar boven toe. De boord van de kous wordt vervolgens teruggeslagen
om die extra sterkte te geven.
Daarna moet de naaivoet van de naaimachine uit de kous. Dat kan
alleen als de naad niet overal zit. Men heeft voor dat noodzakelijke
gaatje de boord gekozen.
enkele tips:
Nylons dienen, wil je er lang plezier van hebben, met zorg
behandeld te worden. Het beste is latex handschoenen aan te trekken,
zowel bij het aantrekken als bij het uittrekken van de kousen.
Ook is het goed om wat handcrème te gebruiken. Voor de
handschoenen aangetrokken worden eerst kijken of de nagels geen
scherpe kantjes hebben en hetzelfde geldt voor de tenen. Vind
je het niet prettig handschoenen te gebruiken, zorg er dan voor
geen ringen of andere sieraden aan je handen te hebben. De kousen
moeten voorzichtig aangetrokken worden, niet te hard er aan trekken,
min of meer over je been rollend. Vooral moet je voorzichtig zijn
wanneer je hem over je hiel trekt, dan komt er de grootste spanning
op te staan. En is de kans groot dat het garen knapt. Nog een
tip, wanneer je laarzen draagt slijt de kous sterk door het contact
met de bovenkant van de laars. Advies, gebruik bij laarzen niet
je allerbeste kousen.
Zorg er ook altijd voor dat de huid van je voet soepel is, dat
verlengt het leven van je kousen en geeft ook een veel prettiger
gevoel.
Wassen moet ook met de grootste omzichtigheid gebeuren, geen heet
water en als wasmiddel bv. Woolite. Bij Hold Up's is het zaak
goed de siliconen randen schoon te maken, dan blijft de kous daarna
goed zitten. Om ze te drogen rol je ze in een handdoek, nooit
wringen want dan is de kans groot dat het garen knapt. Stop ze
ook niet in een droger, na ze in een handdoek opgerold te hebben,
gewoon verder te drogen hangen.
Gekleurde kousen niet tegelijk wassen met naturel kousen.
Enkele begrippen:
|
Vezel |
Een enkele draad van onbepaalde lengte. |
|
Garen |
Een garen wordt gemaakt door het ineen draaien van twee
of meer vezels. |
|
Denier |
Hiermee wordt de dikte van het garen aangegeven waaruit
de kous gemaakt is. Het geeft aan hoeveel een garen van 9000
meter lang weegt in grammen. Het is een misverstand te denken
dat garen van 15 denier 2 maal zo dun is als garen van 30 denier,
wel is de doorsnede ervan de helft van dat van een 30 denier
garen. Ook is een 15 denier nylon garen niet even dik als 15
denier zijde garen, omdat het soortelijk gewicht van nylon niet
hetzelfde is als van zijde. Lange tijd was het dunste nylon garen
6 denier, dit is getoond op Nylonbeurs in Londen in 1956, heden
ten dage adverteert men zelfs met 5 denier nylons.
Dunne kousen (Ultra sheer) worden vervaardigd met garen van 15
denier of kleiner, kousen voor meer dagelijks gebruik tot 30
denier. Hoe lager het getal des te doorschijnender zijn de kousen..
De doorschijnendheid is niet alleen het gevolg van een laag deniergetal,
ook de steek waarmee de kous gebreid is bepaald de doorschijnendheid. |
|
RHT |
Versterkte hiel en teen (Reinforced heel and toe) De hiel
en het teenstuk zijn met een dikker garen gebreid om de kous
daar sterker te maken. |
|
Boord |
Bovenkant van de kous, deze wordt met een dikkere vezel
vervaardigd. |
|
Ladderstop |
Worden speciaal aangebracht om te voorkomen dat een ladder
door de hele kous heen loopt. |
|
Naadloos |
De kousen worden rondgebreid en zodoende ontstaat alleen
een naad bij de tenen en bij de overgang naar het boord. |
|
Hold-Up's |
Kousen die door middel van een siliconen band in het boord
zonder jarretelgordel gedragen kunnen worden. ( worden ook wel
Stay-Up's genoemd). |
|
Om de kousen op te kunnen houden maakt men gebruik van een
jarretelgordel.
Deze kunnen 4 of meerdere jarretels (straps) hebben, tot wel
16 toe. Algemeen wordt aanvaardt dat 6 tot 8 jarretels voldoende zijn
om de kousen goed op te kunnen houden. Meerdere geeft meer werk,
sommigen hebben dat er wel voor over.
De slip dient over de jarretelgordel gedragen te worden uit oogpunt
van comfort (toiletbezoek). Op foto's zie je het net andersom,
maar dat wordt alleen gedaan om de jarretelgordel goed tot zijn
recht te laten komen.
Een jarretelgordel bestaat uit een aantal onderdelen waarvan
er enkele hieronder afgebeeld staan. Er zijn afneembare en vaste
jarretels. Geheel links is een afneembare jarretel afgebeeld
met 'S'-Haak. Het onderdeel waarmee de kous aan de jarretelgordel
bevestigd wordt staat in het midden en rechts afgebeeld. Het
gedeelte waar het knopje op zit heet label en het metalen gedeelte
dat er over heen schuift clip. De clip zit aan de jarretel, de
label is afneembaar en vervangbaar. |
Met dank aan Dhr. B.J.G. Hamer, voor zijn research naar bovenstaande onderwerpen. Benieuwd naar nog meer research van deze persoon, kijk dan op http://www.xs4all.nl/~janfreak. |